Het maximaal haalbare tijdens het EK levert Oranje goede vooruitzichten op voor de toekomst

donderdag, 22 januari 2026 (07:52) - Handbal Inside

In dit artikel:

Oranje sloot het EK in Malmö af met een 31-26 zege op Georgië en verliet het toernooi met een goed gevoel, ondanks dat het doel om de hoofdronde te bereiken niet werd gerealiseerd. Bondscoach Staffan Olsson had voor de slotwedstrijd een duidelijk stappenplan: winnen — bij voorkeur met meer dan twee treffers verschil — en dat lukte. Het team moest het doen zonder Dani Baijens, die met een enkelblessure op de tribune zat, maar de afwezigheid leidde tot kansen voor anderen.

Reinier Taboada speelde een bepalende rol; de Benfica-speler maakte belangrijke steals en scoorde zeven keer met slechts één gemiste poging. Ivar Stavast greep zijn extra speeltijd met beide handen aan en werd met acht doelpunten topscorer van de wedstrijd. Doelman Jorick Pol kwam kort voor rust in het veld voor Matthias Dorgelo en hield zijn vorm vast in de tweede helft: hij noteerde acht reddingen (36 procent) en droeg zo sterk bij aan de marge die Oranje opbouwde.

De Nederlandse dekking verbeterde gedurende de wedstrijd, waardoor Georgië meer fouten maakte en Oranje kon uitlopen naar een comfortabele voorsprong (rust 18-15). Met de overwinning klom Nederland op de eindranglijst voorbij Tsjechië en Oostenrijk en eindigde als 15e van Europa — geen prestatie om juichend afscheid van te nemen, maar wel het best haalbare in deze fase van het toernooi, zo oordeelden betrokkenen.

Sportief gevolg: door dit resultaat hoeft Nederland in maart geen tweeluik tegen Israël te spelen en zit het in pot 1 van de play-offs voor het WK in Duitsland, wat de kansen op plaatsing vergroot. In plaats van kwalificatieduels wacht nu de Golden League in Kopenhagen, waar onder meer de Verenigde Staten tegenstanders zullen zijn — een aantrekkelijk alternatief dat het team extra wedstrijdritme kan opleveren.